Korona di Hesus - Een invasie die al 140 jaar duurt
(Gepubliceerd in de krant Amigoe op 23 september 2026)
Korona di Hesus
Een invasieve soort hoeft zich niet razendsnel te verspreiden. Dat bewijst Korona di Hesus, de doornige boom met de wetenschappelijke naam Balanites aegyptiaca. Hij werd bijna anderhalve eeuw geleden op Curaçao geplant en breidt zijn gebied sindsdien langzaam maar vrijwel onafgebroken uit.
Dat is heel anders dan bijvoorbeeld de neem. Die boom kwam waarschijnlijk pas enkele tientallen jaren geleden naar Curaçao en duikt tegenwoordig in hoog tempo op allerlei nieuwe plaatsen op. Korona di Hesus neemt zijn tijd. Maar langzaam betekent niet onschuldig.
An African tree on Curaçao
Balanites aegyptiaca komt oorspronkelijk uit Afrika en delen van het Midden-Oosten. In Afrika bestrijkt hij vrijwel de gehele Sahel-regio, van Senegal in het westen tot de Nijlvallei en Egypte in het noordoosten, en naar het zuiden toe tot aan Zambia. In het Midden-Oosten bestrijkt hij het Arabisch Schiereiland en gebieden van Syrië tot Jemen. Het is een boom die uitstekend is aangepast aan droge omstandigheden. Curaçao behoort nadrukkelijk tot de plaatsen waar de soort door mensen is geïntroduceerd.
Dat verklaart meteen waarom Korona di Hesus zich hier thuis kan voelen. De boom kan tegen hitte en lange perioden van droogte. Hij groeit in zijn oorspronkelijke leefgebied onder omstandigheden die op sommige punten sterk lijken op die van Curaçao.
Hij wordt meestal geen enorme boom. Een hoogte van zes tot tien meter is normaal. De takken dragen stevige, rechte en scherpe doorns. Een heel gemakkelijk herkenningspunt zijn de bladeren: ieder blad bestaat uit twee stevige, ovaalachtige blaadjes.
Korona di Hesus heeft kleine, geelgroene bloemen, in korte trosjes in de bladoksels. De bloemen hebben meestal vijf kroonblaadjes. En dan zijn er de vruchten die tot tegen de 4 centimeter lang zijn. De vruchten zijn eerst groen en worden bij het rijpen geelbruin. Ze lijken enigszins op kleine dadels. Vandaar de Engelse naamdesert date, woestijndadel. Ze zijn ook eetbaar maar wel bitter. Binnenin zit een zeer harde pit met een oliehoudend zaad.
Bloemen en vruchten van Korona di Hesus (Foto: John de Freitas)
We weten zelfs wie hem bracht
Bij veel invasieve planten op Curaçao is hun eerste aankomst in nevelen gehuld. Bij Korona di Hesus is dat anders. Volgens de Curaçaose plantenkenner Frater Arnoldo werd de boom in 1885 door C. Gorsira geplant bij Landhuis Arrarat. Cornelis Gorsira (1848 – 1924), ook wel genoemd Shon Nene, is geboren op Ararat. Hij was een zeer belezen man en verdienstelijk schilder. In 1874 ontdekte hij fosfaat op de Tafelberg.
De exploitatie van fosfaat op de Tafelberg in Curaçao in de late negentiende eeuw kwam tot stand via een samenwerking tussen de lokale grondeigenaar Cornelis Gorsira en de buitenlandse mijnbouwondernemer John Godden. Om het fosfaat te exploiteren werd de Curaçaosche Phosphaat Maatschappij opgericht. De inkomsten uit deze onderneming stelden Cornelis Gorsira in staat om te reizen. Zo bezocht hij onder meer Egypte, het toenmalige Palestina en reisde hij in de bergen van Gilead (nu Jordanië). Uit deze gebieden heeft hij in 1882 zaden van de Korona di Hesus, de Apeldam en de Doumpalm meegenomen naar Curaçao. Wat deze drie bomen gemeenschappelijk hebben is dat ze alle drie eetbare vruchten hebben. Wellicht dat dit een rol heeft gespeeld bij de beslissing juist de zaden van deze bomen mee te nemen naar Curaçao.
Cornelis Gorsira
Vervolgens werden de bomen op Curaçaose bezittingen geplant van de familie Gorsira, of aanverwante families, zoals Ararat, Zuurzak, St. Michiel, Malpais en St. Joris. Zo begon een invasie die tot vandaag voortduurt. De soort is inmiddels zelfs bij Knip in Banda Bou aangetroffen.
Waarom Korona di Hesus?
De naam betekent letterlijk Kroon van Jezus. Wie een tak van de boom van dichtbij bekijkt, begrijpt waarom. De rechte, lange en harde doorns doen denken aan de doornenkroon uit het Bijbelse verhaal van de kruisiging van Jezus. Er bestaat overigens nog een andere Curaçaose naam voor de boom: lamunchi shimaron, wilde limoen. Beide namen worden in botanische bronnen voor Curaçao vermeld.

Korona di Hesus (Foto: Carel de Haseth)
Een vrucht die gemaakt is om te reizen
Om te begrijpen hoe Korona di Hesus zich verspreidt, moeten we terug naar die geelbruine vruchten. Het vruchtvlees is eetbaar. In Afrika worden de vruchten door mensen gegeten, maar ook allerlei dieren zijn erin geïnteresseerd. De harde pit kan na het eten van de vrucht ergens anders terechtkomen. Dat is voor de boom een uitstekende manier van reizen. Wetenschappelijke beschrijvingen vermelden dat de zaden door vogels en andere dieren worden verspreid. Op Curaçao worden de zaden met name door geiten verspreid.
Dat helpt misschien ook verklaren waarom de opmars niet zo explosief verloopt. Een jonge neem produceert heel snel nakomelingen. Bij Balanites verloopt de cyclus veel trager.
Bovendien zit het zaad opgesloten in een uitzonderlijk harde pit. Onderzoek naar kieming laat zien dat beschadiging van die harde buitenkant de kieming sterk kan verbeteren. Een dier dat een vrucht opeet en de pit transporteert, kan dus een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van een nieuwe boom.
Waarom is hij een probleem?
Korona di Hesus is niet alleen een exotische boom die toevallig in de mondi staat. Curaçaose bronnen beschouwen hem als invasief. De boom is inmiddels verwilderd en heeft zijn verspreidingsgebied steeds verder uitgebreid. Hij heeft landschappen verandert. Zijn kracht is volharding. Een volwassen Korona di Hesus is uitstekend aangepast aan droogte. Hij kan blijven staan op plekken waar andere bomen het moeilijk hebben, produceert jarenlang vruchten en krijgt zo telkens nieuwe kansen om zich verder te verspreiden. Een invasie in slow motion.
Niet alles aan de boom is slecht
Zoals bij veel invasieve soorten is het belangrijk om onderscheid te maken tussen een schadelijke soort en een waardeloze soort. Korona di Hesus is in zijn oorspronkelijke leefgebied juist een bijzonder nuttige boom. Het vruchtvlees wordt gegeten. Uit de zaden kan olie worden gewonnen. Bladeren en vruchten dienen als voedsel voor dieren en het harde hout kan worden gebruikt voor onder andere houtskool.
De boom wordt bovendien al zeer lang in traditionele geneeswijzen gebruikt. Verschillende delen bevatten biologisch actieve stoffen, waaronder saponinen. Er wordt wetenschappelijk onderzoek gedaan naar mogelijke medicinale toepassingen, al betekent dat niet dat zulke traditionele toepassingen automatisch bewezen of veilig zijn. Het probleem is dus opnieuw niet de boom zelf. Het probleem is de plaats waar wij hem hebben neergezet.
Een invasie van 140 jaar
Het verhaal van Korona di Hesus is misschien wel een van de mooiste voorbeelden van waarom we voorzichtig moeten zijn met planten die we naar een eiland brengen. In 1885 plantte iemand een bijzondere boom op Curaçao. Waarschijnlijk kon niemand toen voorspellen wat daarvan het gevolg zou zijn. Veertig jaar later stonden er meer. Tachtig jaar later was de boom verder naar het westen gekomen.
En ongeveer 140 jaar na de eerste aanplant gaat de verspreiding nog steeds door. Neem laat ons zien hoe snel een invasieve boom kan oprukken. Korona di Hesus leert ons misschien iets nog belangrijkers. Een invasieve soort hoeft helemaal geen haast te hebben. Als hij ieder jaar maar een klein stukje terrein wint en vrijwel nooit meer verdwijnt, heeft hij uiteindelijk alleen maar tijd nodig.