3. Hoe sommige Mutaties ons beschermen tegen Ziekten

Hoe sommige mutaties juist goed voor ons kunnen zijn!

Hoe sommige Mutaties ons beschermen tegen Ziekten

(Gepubliceerd in de krant Amigoe op 31 december 2025) 

Een mutatie in een gen kan iets stuk maken. Het gevolg kan zijn dat het lichaam niet goed meer kan werken, en ziekte ontstaat. Maar soms kan een mutatie ook iets verbeteren waardoor het gen juist beschermt tegen een ziekte. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een mutatie in het Duffy-gen waardoor resistentie tegen de malariaparasiet Plasmodium vivax ontstaat. Of in geval van de CCR5-Δ32-mutatie, die ervoor zorgt dat het HIV-virus de cellen niet binnen kan. Je wordt dan beschermd tegen AIDS.

Maar eerst moeten we begrijpen hoe parasieten, zoals bijvoorbeeld virussen, een menselijke cel kunnen binnendringen. Menselijke cellen "praten" voortdurend met hun omgeving in het lichaam. Ze doen dit zodat ze gezond kunnen blijven, kunnen reageren op veranderingen en samenwerken met andere cellen. Aan de buitenkant van elke cel zijn er kleine structuren die helpen bij deze communicatie. Ze worden receptoren en antigenen genoemd. Receptoren zijn als kleine slotjes. Ze wachten op de juiste "sleutel", zoals een hormoon of chemisch signaal. Wanneer de juiste sleutel past, weet de cel wat hij moet doen. Antigenen fungeren als de ID-kaart van de cel. Ze vertellen het lichaam wat voor soort cel het is, zodat het immuunsysteem kan herkennen of het in het lichaam thuishoort of niet.

Cel met antigenen en receptoren

Virussen kunnen zich alleen vermenigvuldigen in een cel. Ze moeten daarvoor wel eerst erin slagen binnen te dringen in die cel. Sommige virussen misleiden de cel door zich te hechten aan haar receptoren of antigenen. Wanneer bijvoorbeeld het virus in een receptor past als een nep-"sleutel", laat de cel het virus binnen. Eenmaal binnen kan het virus de cel overnemen en kopieën van zichzelf maken. Op deze manier misbruiken virussen dezelfde structuren die normaal gesproken cellen helpen communiceren en veilig blijven.

DUFFY-NEGATIEF EN BESCHERMING TEGEN MALARIA

Malaria is een ernstige ziekte. De ziekte wordt veroorzaakt door een malariaparasiet die wordt overgebracht van de ene persoon naar de andere persoon door de Anopheles mug, bij het zuigen van bloed. Duffy-negatief (FY*O) beschermt tegen een bepaalde malariaparasiet genaamd Plasmodium vivax. Duffy-negatief (FY*O) is een speciale genetische eigenschap die vooral voorkomt bij veel mensen in Afrika.

Duffy antigenen Fya en Fyb

Op het oppervlak van rode bloedcellen bevinden zich Duffy antigenen. Dit is normaal. Er bestaan twee Duffy antigenen. Dit zijn de antigenen Fya en Fyb. De parasiet Plasmodium vivax, die een van de vormen van malaria veroorzaakt, kan echter via de antigenen Fya en Fyb de rode bloedcellen binnendringen. Je kan dan malaria krijgen.

Duffy-negatief

Mensen die Duffy-negatief zijn, hebben een mutatie in het gen dat verantwoordelijk is voor de aanmaak van Fya en Fyb. Door deze mutatie hebben Duffy-negatieve mensen de antigenen Fya en Fyb niet op hun rode bloedcellen. Vandaar dus de naam “Duffy-negatief”. Daardoor kan de malariaparasiet de rode bloedcellen niet infecteren. Duffy-negatieve mensen zijn daarom resistent tegen deze vorm van malaria

Hoe is Duffy-negatief ontstaan?

Heel lang geleden, waarschijnlijk tienduizenden jaren geleden in Afrika, zorgde malaria voor veel ziekte en sterfte. Mensen met de verandering in het Duffy-gen die de aanmaak van Fya en Fyb blokkeerden, hadden echter een grotere overlevingskans. Hierdoor werd deze mutatie in het Duffy-gen doorgegeven aan volgende generaties.

Malaria en Duffy-negatief

Vandaag de dag komt Duffy-negatief vooral voor bij mensen in Sub-Sahara Afrika, waar malaria veel voorkomt. Met name in West-Afrika zijn veel mensen Duffy-negatief. Het is een mooi voorbeeld van hoe het lichaam zich genetisch kan beschermen tegen een gevaarlijke ziekte. Er bestaan overigens vijf vormen van malaria die worden veroorzaakt door verschillende vormen van de Plasmodium parasiet. Duffy-negatieve mensen zijn alleen resistent tegen Plasmodium vivax en dus niet tegen de overige vier vormen van de Plasmodium parasiet die ook malaria kunnen veroorzaken.

Malariamug

CCR5-Δ32 EN BESCHERMING TEGEN HIV

Het gen CCR5

Lang geleden, duizenden jaren terug, leefden mensen in Europa die, net als wij, vatbaar waren voor allerlei ziektes. Hun lichamen hadden een speciaal gen, het CCR5-gen, dat een rol speelt bij het afweersysteem. Het gen codeert voor een receptor (CCR5) op het oppervlak van bepaalde immuuncellen. Deze receptor stuurt de immuuncellen naar plaatsen in het lichaam met een ontsteking. Dat is natuurlijk goed! Maar helaas liet deze receptor ook bepaalde virussen door.

De mutatie CCR5-Δ32

Op een gegeven moment gebeurde er iets kleins, maar belangrijks. In het gen ontstond een mutatie. Een paar stukjes van de genetische code werden verwijderd. Om precies te zijn 32 bouwstenen (basenparen). Die verandering noemen we CCR5-Δ32 (Δ betekent “verwijderd”). Deze mutatie veranderde hoe de CCR5-receptor op het celoppervlak eruitzag. Bepaalde virussen konden nu niet meer binnenkomen.

Hoe ontstond CCR5-Δ32

Niemand weet precies wanneer, of waarom, de mutatie zich verspreidde, maar wetenschappers denken dat ze voordeel gaf tijdens oude epidemieën, zoals de pest of misschien de pokken. Mensen met de mutatie hadden iets meer kans om te overleven, en gaven het gen door aan hun kinderen. Zo verspreidde CCR5-Δ32 zich langzaam, vooral in Noord-Europa. Vandaag draagt ongeveer 10% van de Europeanen één kopie van de mutatie. Ongeveer 1% van de Europeanen heeft twee kopieën.

CCR5-Δ32 en HIV

Eeuwen later, in de 20e eeuw, verscheen een nieuw virus namelijk HIV. HIV veroorzaakt de ziekte AIDS. De meest voorkomende varianten van HIV gebruiken normaal ook de CCR5-receptor als een toegangspoort om immuuncellen binnen te dringen. Maar bij mensen met twee CCR5-Δ32-genen is die poort dicht. HIV kan simpelweg niet naar binnen. Mensen met alleen één kopie van de mutatie zijn niet volledig beschermd, maar wel minder kwetsbaar. Het virus verspreidt zich bij hen trager. Het is belangrijk te weten dat CCR5-Δ32 geen bescherming biedt tegen alle HIV-varianten. Er bestaan HIV-varianten die een andere receptor gebruiken om de immuuncel binnen te dringen.

Wat ooit begon als een klein foutje in de DNA-code, is vandaag een van de meest onderzochte natuurlijke vormen van resistentie tegen HIV. Het laat zien hoe evolutie en toeval samen kunnen werken om ons te beschermen tegen nieuwe bedreigingen. Soms pas eeuwen later dus.

 

HIV-virus

In dit artikel hebben we het gehad over mutaties die beschermen tegen ziekten. In het volgende artikel zullen we het hebben over mutaties die voordelen bieden bij het dieet of ons beter doen aanpassen aan onze omgeving.

Paul Stokkermans 31 december 2025
Deel deze post
Labels
Archiveren
Aanmelden om een reactie achter te laten
2. Een Lichte Huid, Blauwe Ogen en Lichtgekleurde Haren
Hoe sommige mutaties juist goed voor ons kunnen zijn!